Geschiedenis van vliegveld Malle

Vliegveld Malle (EBZR) werd in de jaren 50 van de vorige eeuw aangelegd als reserve vliegveld van de NATO. De totale oppervlakte van meer dan 200 ha valt volledig binnen het grondgebied van Malle. In 1973 werd de APCK (Aero Para Club der Kempen) hier opgericht en heeft steeds het vliegveld als zijn thuisbasis gehad.

In het begin van de jaren 50 van de vorige eeuw, in het midden van de koude oorlog, werden vele plannen gemaakt voor de aanleg van burgerlijken en militaire vliegvelden in België. Vroegere plannen om het vliegveld meer naar het westen te leggen, meerbepaald in het gebied ‘Vraagheide’ in de buurt van Brecht, werden omwille van milieukwesties niet uitgevoerd. Nieuwe plannen werden gemaakt voor een vliegveld meer naar het oosten in het gebied ‘Bruulbergen’ tussen Wechelderzande en Oostmalle, op een van de weinige stuifduingebieden die België rijk was. Ondanks lokaal protest en een reeks bezwaren op sociaal, toeristisch en milieutechnisch vlak, werd in 1952 een onteigeningskennisgeving gestuurd aan de toenmalige eigenaars. Het meest getroffen waren de familie Ackermans, maar ook Godfroy Lenaerts-Van Merstraeten, Graaf de Renesse en enkele kleinere landeigenaars werden tussen 1952 en 53 onteigend. België moest zijn verplichtingen in NAVO verband nakomen, en daarom moest het vliegveld gebouwd worden in het gebied ‘Bruulbergen - Middelburg’. Het duurde wel tot 1955 voor de aanleg effectief begon. Prikkeldraad, betonnen bunkers, metalen hangaars en Fuel depots verschenen op het terrein. Na de bouw keerde de rust en vrede weer. Gelijkaardige vliegvelden werden aangelegd in Weelde, Zutendaal, Ursel, Bertrix en Saint Hubert als NAVO reserve vliegvelden. De toekomst van het vliegveld was meermaals onderwerp van discussie. Militaire en burgelijke instanties ontvouwden regelmatig plannen met nieuwe bestemmingen voor het vliegveld. Van eind jaren ‘60 tot eind jaren ‘70 werd meermaals de verhuis van het vliegveld van Deurne naar Malle op de agenda geplaatst. Telkens stuitten deze plannen op hevig verzet van de lokale instanties en de plaatselijke bevolking en werden deze plannen telkens zonder gevolg geklasseerd. In de jaren ’80 ging het gerucht dat de Amerikaanse strijdkrachten het vliegveld wilden gebruiken eerst als stockage voor nucleair materiaal of als helicopterbasis. Opnieuw werd deze plannen onder luid protest van de bevolking naar de prullenmand verwezen. Het vliegveld werd ondertussen wel gebruikt als logostiek platform voor de biennale REFORGER oefeningen van de NAVO. In 1995 wou de provincieraad het vliegveld omvormen tot een recreationeel centrum voor de luchtvaart (parachutisme, zeefvliegen, ULM, motorvliegen..) maar deze plannen werden ook nooit geconcretiseerd. In 1998 werd de verhuis van Melsbroek naar Malle als idee geopperd en onderzocht, maar zoals alle andere scenario’s werden deze plannen in de kiem gesmoord. Ondanks het feit dat de basis met NAVO fondsen onderhouden werd, zijn er buiten enkele oefeningen nooit militaire vliegtuigen in Malle geweest.

In 1961 streken de luchtkadetten neer in Malle. Zes Rhönlerche zweefvliegtuigen en 3 SV-4 sleeptoestellen maakten hun opwachting en werden gebruikt om de zweefvliegactiviteiten in Malle op te starten. De zeefvliegtuigen werden later vervangen door prestatiezwevers en de SV-4’s werden vervangen door Piper Super Cubs. Tot hun verhuis naar Bertrix in 2007 hebben de luchtkadetten gedurende de weekends en de vakantieperiodes het vliegveld als hun thuisbasis gebruikt . Honderden militaire en burgerpiloten zijn hun vliegcarrière hier gestart. In 1973 hadden 2 luchtvaartenthousiasten (F. Van der Heyden en G. Truyens) het idee om een vliegclub op te richten, en waarom niet het vliegveld van Malle gebruiken als thuisbasis? Het vliegveld leek ideaal en met het advies van A. Josten en lokale politici werd de APCK opgericht en officieel geopend door voormalig eerste minister Vanden Boeynants. De concessie werd getekend en dit was de start van de vliegactiviteiten van de APCK. Een oude bus deed in eerste instantie dienst als clubhuis en na enkele omzwervingen op het terrein (Hangaar Zuid, middensectie) werd het huidige clubhuis gebouwd op het noordelijk gedeelte van het terrein. Meer dan 35 jaar al geeft de APCK de kans aan ongeveer 300 mensen hun passie voor de luchtvaart uit te oefenen onder de vorm van motor- en zweefvliegen. De APCK is ook een RF (Registered Facility) voor vliegscholing bestaande uit theoretische en praktische training aan leerling piloten. Voor sommigen van hen is dit het begin van hun burgerlijke of militaire carrière als piloot. Buiten 4 eigen vliegtuigen voor training en navigatie hebben ongeveer 15 vliegtuigen EBZR als hun vaste standplaats. Het vliegveld ligt in een beschermd gebied met een perfecte symbiose tussen luchtvaart en natuur, een ideale plaats om te genieten van natuur en technologie. In het noordelijke deel vinden we de overblijfselen van hectarengrote heiderestanten. Het gaat hier vooral om een droge, oude Struikheidevegetatie die op een zeer arme zandgrond groeit. We vinden hier ook nog de overblijfselen van de originele stuifduinen (Bruulbergen). Langs de randen van het vliegveld vinden we voornamelijk berken- en dennenbos. Ondanks de vrij arme flora leeft er op het vliegveld een zeer bijzondere fauna. We vinden hier bvb vogels zoals de Boomleeuwerik, die in onze regio enkel op het vliegveld broedt. Roofvogels als de Havik, Buizerd, Boomvalk, Sperwer en Torenvalk broeden jaarlijks in de omgeving. In de graslanden weten de Veldleeuwerik en de Wulp zich nog te handhaven. Verder vinden we hier ook zeldzame vlinders, libellen en kevers, ook hagedissen en vossen worden regelmatig waargenomen. GVdP

Onze sponsors Minimize
spacer
dummy